hun ⋅ hen

taaltip

Voorbeeld

(1) Ik kreeg het cadeau van hen.

(2) De baas ontslaat hen.

(3) Ze gaf hun een stukje taart.

(4) Dat was hun echt een stap te ver.

(5) Ik trakteer hen op een kopje koffie.

(6) Wat moet er volgens hun gebeuren?

Toelichting

Hen

Het persoonlijk voornaamwoord hen gebruik je in de volgende gevallen:

  • Na een voorzetsel zoals in voorbeeld (1) → Ik kreeg het van hen.
  • Als lijdend voorwerp zoals in voorbeeld (2) → Hij ontslaat hen.
*Tip*

Het lijdend voorwerp kun je vinden door een WIE- of WAT-vraag te stellen: Wie ontslaat hij?Hen.

Hun

Het persoonlijk voornaamwoord hun gebruik je als het een meewerkend voorwerp is waar geen voorzetsel voor staat, zoals in voorbeeld (3) en (4).

*Let op*

Hun is ook een bezittelijk voornaamwoord. (Dat is hun huis.)

 

Heb je een andere taalvraag? Neem dan zeker contact op!

Vertaling of revisie nodig?


Stuur mij een mailtje of vul het contactformulier in en ontvang zo spoedig mogelijk een vrijblijvende offerte voor de vertaling en/of revisie van je tekst.

Contact opnemen